Lekker voor Koningsdag: oranje tompoucen

27 april viert koning Willem-Alexander zijn verjaardag! Voor deze speciale dag duikt Anouk de keuken in om oranje tompoucen te maken. Lekker!

Tompoucen zijn al heel oud. Het gebakje komt uit Frankrijk en bestaat al sinds 1651. Lang hé. Toen werd het mille-feuille genoemd. Dat betekent duizend laagjes, net als bladerdeeg. De tompouce is ondertussen wereldberoemd, maar ze hebben niet in elk land dezelfde naam. In Italië zeggen ze ‘mille foglie’, in België ‘boekske’ of ‘glacéke’ en in de Verenigde Staten noemen ze het de ‘Napoleon’.

Wist je dat Koningsdag al sinds 1885 gevierd wordt? Eerst heette het Prinsessendag, toen Koninginnendag en nu Koningsdag, omdat we voor het eerst in een hele lange tijd weer een koning hebben. Hoe ga jij Koningsdag vieren?

Wat heb je nodig?

Voor ongeveer 12 stuks

 

  • 35 gram bloem
  • 350 ml melk
  • 225 ml slagroom met minimaal 35% vet
  • 3 eidooiers
  • 2 blaadjes gelatine
  • 65 gram suiker
  • 16 gram vanille suiker
  • 1 rol bladerdeeg (230 gram)
  • 200 gram poedersuiker
  • 30 gram water
  • 2 eetlepels abrikozenjam
  • Oranje kleurstof
  • Spuitzak
  • Spuitmondje

Let op: dit recept duurt wat langer en is iets moeilijker. Heb je iemand die je kan helpen? Vraag het! Dat is nog gezellig ook.

Hoe maak je het?

Het recept van de Zwitserse room is gemaakt naar een recept van Laura’s Bakery

Banketbakkersroom:

1. Leg twee gelatine blaadjes in een schaaltje met koud water en laat dat even staan.

2. We hebben drie eidooiers nodig. De eidooier is het gele gedeelte van het eitje. Tik het eitje kapot op bijvoorbeeld de rand van het aanrecht. Breek het voorzichtig open en scheidt het eiwit van het eigeel. Dat kun je doen door het eigeel om en om van de ene eierschaal naar de andere eierschaal over te gieten. Zo hou je alleen het eigeel over.

3. Meng de suiker, vanillesuiker en eigeel in een kom. Als dat helemaal gemixt is, mag je de bloem erbij doen. Roer dat nog even door.

4. Pak een klein pannetje en verhit de melk op het vuur. Als de melk begint te koken mag je het vuur uit doen.

Tip: hoe kun je nou zien dat de melk kookt? Aan de randen tegen het pannetje komen allemaal kleine belletjes. Dat betekent dat de melk heet genoeg is.

5. De melk mag je in delen bij het eigeel en de bloem gooien. Vraag even hulp aan een volwassene want dit is heet! Ondertussen moet je goed blijven roeren.

6. Als het mengsel helemaal glad is, gooi je alles terug in de pan. Laat dit opnieuw koken terwijl je blijft roeren. Als het mengsel net zo dik is als dikke vla, is het goed.

7. Giet de room in een kom en bedek de kom met folie. Druk de folie helemaal tegen de room aan, want anders kan er een laagje op de room komen. Laat de kom even afkoelen op het aanrecht en zet het daarna in de koelkast om helemaal af te koelen. De koelkast zorgt ervoor dat je room nog dikker wordt. Nu is je banketbakkersroom klaar!

Bladerdeeg:

1. Verwarm de oven voor op 180 graden.

2. Maak een bladerdeeglap van ongeveer 28 bij 36 centimeter.

3. Prik gaatjes in het bladerdeeg. Dit kan je met een vork doen. Let op! Die gaatjes mogen heel dicht op elkaar zitten want die zorgen ervoor dat het bladerdeeg niet bol gaat staan in de oven.

4. Als de oven warm is, mag het bladerdeeg erin. Vraag hierbij even hulp aan een volwassene want dit is heet en draag ovenhandschoenen! Het bladerdeeg mag eerst 20 minuten op 180 graden en daarna 10 tot 15 minuten op 150 graden. Laat het bladerdeeg daarna afkoelen.

Zwitserse room:

1. Klop de slagroom stijf.

2. Smelt de gelatine in een klein pannetje. Roer de banketbakkersroom even goed door en doe daar de gelatine bij in. Roer dit goed door elkaar!

3. Spatel de slagroom rustig door de banketbakkersroom tot alles goed gemengd is. Als alles gemengd is moet je stoppen met roeren. Anders wordt de room te dun. 

4. Doe de Zwitserse room vast in een spuitzak en leg het even in de koelkast zodat de room weer kan opstijven.

Topping:

1. Tijd voor de topping! Meng 200 gram poedersuiker met 30 milliliter water. Dit kun je het beste met een klein lepeltje doen.

2. Doe er een klein beetje oranje kleurstof bij, even roeren en voilà! Je hebt oranje glazuur.

Bouwen maar!

1. Snijd het bladerdeeg door de breedte doormidden. Spuit op een deel van het bladerdeeg de Zwitserse room. Leg het andere deel van het bladerdeeg er bovenop.

2. De abrikozenjam mag je in het pannetje inkoken. Als er druppels van je lepel afkomen en het kookt, dan is het goed. Giet de jam over het bladerdeeg en smeer het uit met een kwastje of een lepel. Let op! Dit laagje moet niet te dik zijn, want er moet zo nog een laagje glazuur overheen.

3. Warm je glazuur op in de magnetron en giet het ook over de tompouce heen. Verdeel het over het bladerdeeg zodat alles oranje is.

4. Nu wordt het spannend! We gaan de tompouce snijden. 

Tip! Het is makkelijker om je mes tijdens het snijden steeds in heet water te dopen, zo gaat de tompouce minder snel kapot.

5. Op het glazuur kun je nog een toefje slagroom spuiten.

6. Eet smakelijk!

 

 

 

Volg je ons al op onze socials en op TikTok? Daar vind je nog veel meer leuke video’s, spelletjes en recepten.
Loading..